Om je zakelijke financieringsbehoefte te berekenen, tel je alle kostenposten op die je met de financiering wilt dekken: investeringen in bedrijfsmiddelen, vastgoed, werkkapitaal of overnameprijzen. Dat totaalbedrag is je financieringsbehoefte. Houd er rekening mee dat je financieringsbehoefte en je leencapaciteit twee verschillende dingen zijn: wat je nodig hebt, is niet automatisch wat een financier bereid is te verstrekken. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over het berekenen van zakelijke financiering, van kostenposten tot aanvraagstrategie.

Welke kostenposten bepalen je totale financieringsbehoefte?

Je totale financieringsbehoefte bestaat uit alle bedragen die je nodig hebt om een specifiek doel te realiseren: de aankoopprijs van een bedrijfspand, de investering in machines of voertuigen, het aanvullen van werkkapitaal, of de koopsom bij een overname. Tel alle relevante posten bij elkaar op, inclusief bijkomende kosten, en je hebt je financieringsbehoefte.

In de praktijk vergeten ondernemers regelmatig een deel van de kosten mee te nemen. Bij de aankoop van een bedrijfspand via een zakelijke hypotheek gaat het niet alleen om de koopsom, maar ook om overdrachtsbelasting, notariskosten, eventuele verbouwingskosten en de eerste maanden aan exploitatielasten. Bij een bedrijfsovername komen daar goodwill, due diligence-kosten en transitiekosten bij.

Verdeel je financieringsbehoefte in drie categorieën om overzicht te houden:

  • Vaste activa: bedrijfspanden, machines, voertuigen, inventaris
  • Werkkapitaal: voorraden, debiteuren, lopende verplichtingen aan leveranciers
  • Eenmalige kosten: overnameprijzen, verbouwingen, advieskosten, notariskosten

Door deze drie categorieën apart in kaart te brengen, zie je ook meteen welke financieringsvorm het meest logisch aansluit bij elke post. Vaste activa lenen zich voor langlopende financiering of lease; werkkapitaal vraagt om kortlopende oplossingen zoals factoring of een rekening-courantkrediet.

Wat is het verschil tussen financieringsbehoefte en leencapaciteit?

Je financieringsbehoefte is wat je nodig hebt; je leencapaciteit is wat financiers bereid zijn je te geven op basis van je financiële situatie. Deze twee bedragen komen lang niet altijd overeen. Het verschil tussen beide bepaalt of je aanvraag direct haalbaar is, of dat je een alternatieve strategie nodig hebt.

Leencapaciteit wordt bepaald door factoren die los staan van wat jij wilt bereiken. Een financier kijkt naar je historische inkomsten, je vermogenspositie, de waarde van het onderpand en de risico’s die hij zelf bereid is te dragen. Dat laatste noemen we de risk appetite van een financier: elke bank of alternatieve geldverstrekker heeft eigen criteria over welke sectoren, looptijden en zekerheden hij accepteert.

Stel dat je een bedrijfspand wilt kopen van 800.000 euro. Jouw financieringsbehoefte is duidelijk. Maar als de bank op basis van jouw jaarcijfers maximaal 600.000 euro wil financieren, heb je een financieringstekort van 200.000 euro. Dat tekort moet je oplossen via eigen vermogen, een tweede financier, of een andere financieringsvorm zoals een overbruggingskrediet of aanvullend werkkapitaal.

Hoe berekenen financiers jouw maximale leencapaciteit?

Financiers berekenen je maximale leencapaciteit op basis van twee hoofdpijlers: je terugbetalingscapaciteit en de waarde van het onderpand. De terugbetalingscapaciteit wordt afgeleid uit je genormaliseerde winst; de onderpandwaarde bepaalt hoeveel een financier bereid is te verstrekken ten opzichte van de marktwaarde van het object.

Terugbetalingscapaciteit op basis van winst

Financiers kijken naar je gemiddelde genormaliseerde winst over de afgelopen twee tot drie jaar. Ze berekenen hoeveel ruimte er is om rente en aflossing te betalen na aftrek van alle bedrijfskosten en een buffer voor tegenvallers. Wisselende jaarcijfers, eenmalige baten of een recent verliesjaar werken negatief. Een goede adviseur kan uitleggen hoe afwijkende jaren geduid moeten worden, zodat de financier een realistisch beeld krijgt.

LTV: loan-to-value bij vastgoed en activa

Bij vastgoedfinanciering speelt de loan-to-value (LTV) een centrale rol. LTV is de verhouding tussen het geleende bedrag en de marktwaarde van het onderpand. Een financier die een LTV van maximaal 70% hanteert, leent je maximaal 700.000 euro op een pand van 1.000.000 euro. De overige 30% moet je zelf inbrengen. Bij zakelijke financiering voor bedrijfsmiddelen werkt het vergelijkbaar: de courantheid van het object, dus hoe makkelijk het doorverkocht kan worden, bepaalt mede hoeveel een financier wil verstrekken.

Welke financieringsvorm past bij welke behoefte?

De juiste financieringsvorm sluit aan bij de aard en looptijd van je financieringsbehoefte. Langlopende investeringen financier je met langlopend vreemd vermogen; kortlopende behoeften zoals werkkapitaal of een tijdelijk liquiditeitstekort financier je met kortlopende instrumenten.

Een praktisch overzicht:

  • Bedrijfspand kopen of verbouwen: zakelijke hypotheek met een looptijd van 10 tot 20 jaar
  • Machines, voertuigen of inventaris: financial lease of operational lease, waarbij het object zelf als zekerheid dient
  • Werkkapitaal bij groei of seizoenspieken: werkkapitaalfinanciering of rekening-courantkrediet
  • Lange betaaltermijnen van klanten: factoring, waarbij je openstaande facturen verkoopt aan een factoringmaatschappij die je direct uitbetaalt
  • Tijdelijke liquiditeitsbehoefte: overbruggingskrediet voor de periode totdat definitieve financiering rond is
  • Groeistrategie of expansie: groeifinanciering op basis van toekomstpotentieel en businessplan

De keuze voor de juiste vorm heeft directe gevolgen voor je maandlasten, de zekerheden die je moet afgeven en de flexibiliteit die je behoudt. Lease vereist bijvoorbeeld geen extra zekerheden buiten het gefinancierde object. Factoring verbetert je liquiditeit zonder dat je schulden maakt.

Wat als je financieringsbehoefte groter is dan één financier dekt?

Als je financieringsbehoefte groter is dan wat één financier wil of kan verstrekken, is stapelfinanciering de oplossing. Daarbij combineer je meerdere financieringsvormen of financiers om je totale behoefte te dekken. Dit komt steeds vaker voor bij mkb-bedrijven, zeker nu banken voorzichtiger zijn geworden en mkb-bedrijven sneller als risicovol bestempelen.

Een voorbeeld: je koopt een bedrijfspand van 1.200.000 euro. De bank financiert 70% via een zakelijke hypotheek: 840.000 euro. De overige 360.000 euro financier je deels met eigen vermogen en deels via een alternatieve vastgoedfinancier die bereid is een tweede hypotheek te verstrekken. Naast de grote banken zijn er meer dan honderd financiers actief in Nederland, waaronder gespecialiseerde vastgoedfinanciers en alternatieve geldverstrekkers die andere risicoprofielen accepteren.

Stapelfinanciering vraagt kennis van het volledige financieringslandschap. Welke financiers combineren goed? Welke zekerheden conflicteren? Wie heeft welke risk appetite? Dit is precies het terrein waar een onafhankelijk adviseur waarde toevoegt: die kent de markt, weet bij welke financiers een aanvraag kans maakt en voorkomt dat je kostbare tijd verliest met afwijzingen.

Hoe vergroot je je kans op goedkeuring bij een financieringsaanvraag?

Je vergroot je kans op goedkeuring door je aanvraag goed voor te bereiden, de juiste financier te kiezen voor jouw specifieke situatie, en het verhaal achter je cijfers helder te maken. Een financier beoordeelt niet alleen getallen, maar ook de ondernemer en de onderbouwing achter de aanvraag.

Concrete stappen die het verschil maken:

  1. Zorg voor actuele en volledige jaarcijfers over minimaal de afgelopen twee jaar, inclusief een toelichting op afwijkende posten
  2. Maak een realistisch financieringsplan met een helder doel, onderbouwde prognoses en een terugbetalingsscenario
  3. Breng je eigen vermogenspositie in kaart: financiers verwachten dat je zelf ook risico draagt
  4. Kies de juiste financier: niet elke financier financiert elke sector of elk type ondernemer. Aankloppen bij een financier die niet bij jouw profiel past, kost tijd en kan je dossier schaden
  5. Laat een specialist de aanvraag vertalen: een goede adviseur weet hoe hij wisselende cijfers, meerdere BV’s of een kort trackrecord op de juiste manier presenteert aan een financier

Ondernemers die zelf aankloppen bij financiers zonder voorbereiding, lopen het risico op afwijzingen die vermijdbaar waren. Partijen die snel geld beloven zonder gedegen advies hanteren soms effectieve kosten van 20 tot 50 procent of meer, zeker bij betalingsachterstanden. Dat is een kostbare vergissing die je met onafhankelijk advies kunt voorkomen.

Finaforte begeleidt ondernemers door het volledige traject: van het in kaart brengen van de financieringsbehoefte tot het selecteren van de juiste financier uit een netwerk van meer dan 40 geldverstrekkers. Met meer dan 10 jaar ervaring in zakelijke financiering voor mkb-ondernemers weet Finaforte hoe complexe situaties vertaald worden naar een kansrijke aanvraag. Wil je weten wat jouw financieringsmogelijkheden zijn? Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.

Gerelateerde artikelen